

|
Op de tentoonstelling
voor mijn eindexamen kon je als bezoeker een grote 'shelter' tegen
een muur zien staan; lichtgrijs doek over een houten geraamte. Monitors
op de vloer staken onder het doek de tent in en ogen van beamers
schenen naar binnen. Als je tussen de hangende stroken doek naar
binnen ging kon je op ieder (projectie)scherm een man in zijn eentje
zien worstelen met een grote hoeveelheid koffers. Personage en omgeving
waren echter steeds verschillend.
Mijn werk ontstaat vanuit een beeld dat me niet meer loslaat. Een
van de terugkerende thema's is de voortdurend veranderende conditie
van de mens en zijn omgeving. Thema en methode zijn sterk verwant.
Ik ga tekenend of fotograferend op onderzoek uit, zoals een vogel
grillig en associatief naar voedsel zoekt. Ik werk en laat mij bewerken
tot ik een onverwachte ontdekking doe, iets vind waarvan ik niet
tevoren wist dat ik het zocht. Zoals er ook bij de studie van een
muziekstuk een moment moet zijn dat het stuk als meer dan losse
noten aan je verschijnt; een kort moment van voelbare samenhang
vanuit een nieuw gezichtspunt. Dan krijgt het werk zijn uiteindelijke
vorm.
|